Gelezen: De vergeting door Daan Heerma van Voss

vergetingOmschrijving van libris.nl (ja, waarom altijd de bolle?): ‘Op 16 januari 2012 wordt schrijver Daan Heerma van Voss wakker zonder te weten wie en waar hij is. Pas na enkele uren van paniek keren de eerste flarden herinneringen terug. Intuïtief zoekt hij contact met Daniël, zijn oudste vriend, die direct naar hem toe komt. In de loop van de dag ziet hij familie, bezoekt hij doktoren en treft hij een verloren liefde. Hij wordt machines ingeschoven en van kliniek naar ziekenhuis gestuurd. Telkens wordt hem uitgelegd wat hem mankeert en telkens vergeet hij het weer. Als hij s avonds genezen het ziekenhuis verlaat, haast hij zich naar de stad op zoek naar vrienden en herinneringen. De maanden daarna doet hij ontdekkingen over het vergeten en over de aard van de aandoening die hem trof. Daan Heerma van Voss spaart zichzelf noch de mensen uit zijn leven, en in zijn openhartigheid zoekt hij wrede grenzen op. De vergeting is een weergaloze en ontroerende roman waarin de werking van het geheugen op meesterlijke wijze wordt verbonden met vriendschap en liefde.’

Met ‘dit soort boeken’ heb ik een probleem. Het is een roman (volgens de cover) maar gaat over iets wat de schrijver wel heeft meegemaakt. Maar hoeveel ervan is dan waar? Het is een roman, tenslotte, dus als hij alleen heeft opgeschreven wat er echt gebeurd is, is het dat toch niet? Verwarrend dus.

Verder valt het met die vergeting ook wel mee. Het duurt een dag of zo, en daarna heeft hij nergens meer last van. En, heel teleurstellend: er is een medische term voor. Het is helemaal niet zo uitzonderlijk!

Een enkele – toegegeven, beangstigende en vreemde – ervaring, wordt door de schrijver nogal opgeblazen, in mijn ogen, en van alle kanten bekeken en betast. Het leest wel lekker weg, daar niet van, maar het was wel een beetje navelstaarderig. En dan was er dus nog de vraag wat er nu wel of niet echt gebeurd was. Nee, het viel niet mee, dit boek!

 

Gelezen: Anna van Niccolò Ammaniti

Anna.PNGIk ben dol op futuristische/dystopische boeken, en daar valt deze ook onder. Net zoals bij verschillende andere boeken van het genre, is het ook hier een virus dat ervoor zorgt dat alles veranderd. Volwassenen overlijden, kinderen blijven in leven en moeten zich maar redden.

Anna en haar broertje gaat dat een hele tijd goed af, totdat haar broertje wordt ontvoerd. Dan blijken er nog heel veel andere kinderen te zijn, die een vreemde gemeenschap hebben gebouwd. Moet ze daar nu wel of niet heen? Hoe gevaarlijk is het?

Ammaniti houdt zich niet in: kinderen kunnen heel gemeen tegen andere kinderen zijn, en dat gebeurt hier dan ook. En zonder ouders veranderen hun ideeën over wat wel en niet kan nogal snel. Met het dijbeen van je overleden ouder rondlopen? Waarom niet? En het recht van de sterkste geldt, uiteraard.

Een geloofwaardig, maar geen prettig verhaal. Het einde is ook niet per se een nieuw begin, zoals je wel zou willen van een boek zoals dit. Dat vond ik eigenlijk wel mooi, achteraf gezien.

Ook gelezen van Ammaniti: Het laatste oudejaar van de mensheid (aanrader!), Jij en ikIk ben niet bangLaat het feest beginnen!, Ik haal je op ik neem je mee

 

Gelezen: Iets uitzonderlijk groots door Lawrence Hill

Van Lawrence Hill heb twee heel goede boeken gelezen: Het negerboeken The Illegal. En dan deze. Die viel wat tegen, helaas.

Waar gaat het over? De achterkant: Mahatma Grafton, belast met een beroemde naam, is pas afgestudeerd en gedesillusioneerd. Hij gaat gebukt onder de vloek van zijn generatie: een totaal gebrek aan interesse in de wereldproblematiek. Hij bemachtigt een baan als plaatselijke reporter en moet zich vooral bezighouden met buurtspektakel, moord en andere slachtofferverhalen. Als Mahatma betrokken raakt in de makkelijk ontvlambare discussie over de Franse taalstrijd in Manitoba, met al haar raciale ins en outs, komt hij tot de verrassende ontdekking dat hij zelf toch een sociaal bewustzijn heeft.

Ik vond dat het boek focus miste. Het verhaal ging van de hak op de tak. Daardoor wilde het ook niet zo boeien. Mahatma’s voortdurende strijd om iets van waarde te schrijven voor de krant vond ik niet bijster interessant. Wel heel leuk was hoe een bijstandstrekker uit Mahatma’s woonplaats beroemd wordt in Kameroen. En zo zitten er nog een paar erg grappige verhaallijnen in Iets uitzonderlijk groots.

Vergeleken met de twee eerder genoemde boeken vond ik het echter een beetje tegenvallen.

(Mijn twintigste boek alweer van dit jaar).

 

Gelezen: Broer van Esther Gerritsen

broer

Het nut van een boekenweekgeschenk is volgens mij, dat je mensen aan het lezen krijgt die het anders misschien niet zo gauw doen. En het is natuurlijk ook een leuk cadeautje voor mensen die regelmatig een boek kopen.

Ik denk dat Broer er goed in slaagt om mensen aan het lezen te krijgen of te houden. In die overvolle trein zal het misschien niet lukken – je mag op de laatste zondag van de Boekenweek gratis reizen met je boekenweekgeschenk – maar hopelijk lezen ze toch een paar bladzijden en de rest een andere keer.

Het is een heel toegankelijk boek, een mooi verhaal over een vrouw die alles op order heeft, behalve … haar leven. Zolang ze aan het werk is, lijkt alles goed te gaan, maar haar relatie loopt niet zo lekker. Dan komt haar broer plotseling weer in haar leven, een heel ander type dan zijzelf. Helaas lijkt iedereen, behalve zij, de aanwezigheid van de broer wel op prijs te stellen. Ze hebben zelfs grote lol met hem! Door haar broer te observeren, leert de vrouw zichzelf beter kennen.

Ik had nog nooit wat van Esther Gerritsen gelezen, maar daar ga ik verandering in brengen. Dit is een prachtig boekje over een vrouw en haar relatie met haar broer en andere mensen. Een aanrader!

De verrekijker door Kees van KootenEen afrader daarentegen, is De verrekijker van Kees van Kooten, een boekenweekgeschenk van een paar jaar geleden dat ik ook deze week gelezen heb – heel toevallig, want ik was bezig met de V in mijn te-lezen kast. Dat boekje heb ik niet uitgelezen. Het was eerder een verzameling van gedachten dan een verhaal. Het hoofdverhaal is een onderzoek van de schrijver naar de verrekijker die zijn vader hem heeft nagelaten, maar tussendoor weidt de schrijver uit over allerlei zaken die zijdelings te maken hebben met iets wat hij op dat moment beschrijft. Niet voor mij, helaas, dus dit boekje heb ik aan de kant gelegd.

Dit waren het zestiende en zeventiende boek van dit jaar.:-)

Gelezen: Of ik gek ben van Michiel Stroink

Of ik gek ben van Michiel Stroink

Dit verhaal, geschreven in de ik-persoon, gaat over een jongeman in een tbs-kliniek. Hij is opgepakt na een avondje stappen en kan zich niets herinneren van wat hij die avond gedaan heeft. Hij vindt daarom ook niet dat hij schuldig is. Maar zolang hij niet onder ogen ziet dat hij die misdaad begaan heeft, blijft hij steken in zijn behandeling en zijn zijn vooruitzichten op vrijlating minimaal.

De saaie dagen in de tbs-kliniek worden in het begin van het boek wat al te levensecht omschreven. Er gebeurde weinig en ik vond het boek daarom ook wat saai. Verder vond ik het niet zo interessant om te lezen over iemand met wie het toch nooit goed zou komen. Vooral omdat ik vermoedde dat hij misschien veroordeeld was voor iets wat hij niet eens gedaan had. Dus hoe kon hij dan ooit gaan inzien dat hij fout was geweest?

Gelukkig gebeurt er op een gegeven moment toch iets, waardoor ik weer wat rechter op ging zitten. De gevangenisdirecteur blijkt niet helemaal fris te zijn. En zo werd het verhaal uiteindelijk toch nog interessant. Zelfs interessanter dan ik gedacht had!

Het boek deed me enigszins denken aan PAAZ van Myrthe van der Meer, waarin de hoofdpersoon op een psychiatrische afdeling zit. In beide gevallen zijn er grappige personages die het verhaal opleuken.

Ik vond Of ik gek ben niet zo sterk als Tilt, het eerste boek dat ik van Michiel Stroink las, dat ik echt heel erg goed vond. Dus ja, dat was misschien ook wel wat te veel gevraagd.

Dit was mijn veertiende boek van dit jaar.