Boek recensie: Plastic Panda’s van Bas Haring

Plastic pandas van Bas HaringEen boek met zo’n voorplaat: eerst dacht ik dat het een kinderboek was. Maar de ondertitel Over het opheffen van de natuur bracht me meteen weer van dat idee af. Maar nou zeg: Het opheffen van de natuur? Zijn we nu helemáál?

Daarover wilde ik wel wat lezen. Het boekje ziet er ook vanbinnen leuk uit, met af en toe een foto of een getekend plaatje. En niets geen zware kost.

Plastic Panda’s: Waar het over gaat

In dit boek onderzoekt de filosoof Bas Haring of we de natuur in het algemeen en biodiversiteit in het bijzonder eigenlijk wel nodig hebben. Misschien kunnen we wel toe met wat gras tussen de stoeptegels en hier en daar een (aangelegd) bos. En als we vinden dat biodiversiteit belangrijk is, hoe divers moet die dan zijn? Kan het ook wat minder?

Als een goede wetenschapper definieert hij de gebruikte termen eerst: wat is eigenlijk natuur en hoeveel natuur is er in de wereld? Hoeveel soorten zijn er, en hoe wordt de indeling in soorten gemaakt? Er sterven constant dieren uit, maar hoe erg is dat nou eigenlijk? Stel dat een soort, zoals de Afrikaanse bosolifant, nog niet als aparte soort (apart van de normale Afrikaanse olifanten welteverstaan) was ingedeeld, dan zou het niet uitmaken dat deze dieren verdwenen.  Er zouden gewoon een stelletje Afrikaanse olifanten het loodje hebben gelegd zonder dat iemand zich drukmaakte over het verdwijnen van een soort. Nu deze olifanten wél zijn ingedeeld als aparte soort, zijn ze opeens wel van belang. Haring vraagt zich ook af of wij mensen soorten hebben uitgevonden om orde in de natuur aan te brengen of dat die categorieën “echt” zijn.

En de schrijver vraagt zich af waarom de natuur belangrijk is voor ons.  Omdat zij mooi is? Hoe zit het dan bijvoorbeeld met onze heide? Die is pas in de middeleeuwen ontstaan doordat er schapen graasden. Door mensen gemaakt dus. Toch komen er veel mensen naar de heide om te genieten van de natuur. Maar dat is niet meer de oorspronkelijk natuur. Toch maakt niemand zich daar druk om.

Haring vindt dat een beetje minder biodiversiteit in een regenwoud ook wel kan (en minder regenwoud trouwens ook). Wat zal jou dat insectje schelen dat je met het blote oog nauwelijks kunt waarnemen. Als het uitsterft is dat niet erg voor ons en zeker niet voor dat insectje. Maar misschien wel voor andere dieren. Ook dat blijkt mee te vallen. Een ecosysteem valt niet als een Jenga toren uit elkaar als er een paar plant- of diersoorten uit verdwijnen.

Haring maakt zich niet zo’n zorgen over de toekomst van de natuur. Een beetje minder kan best, zolang we dat maar met beleid aanpakken.

Plastic Panda’s: Wat ik ervan vond

Het betoog is redelijk waterdicht. Zoals Haring zijn verhaal opbouwt kun je het bijna niet met hem oneens zijn. Dat wil zeggen, je kan misschien met emotionele argumenten aankomen, maar logisch steekt zijn verhaal heel goed in elkaar. Trouwens, die emotionele argumenten behandelt hij ook. Zoals het idee dat iets wat zeldzaam is (bijv. een bepaalde diersoort), waardevol is en daarom bewaard moet worden. Maar waarde is iets dat met schaarste te maken heeft: heb je het nodig maar er is niet veel van, dan gaat de waarde omhoog. Dat is niet hetzelfde als zeldzaam zijn.

En waarom vinden we trouwens het behoud van de panda zo belangrijk en gaan we niet op de bres voor dat insectje in het regenwoud?

Ik heb het boek met plezier gelezen en weer wat nieuwe dingen geleerd. Als je geinteresseerd bent in de toekomst van de natuur is dit een mooie manier om eens op een andere manier na te denken over het nut van biodiversiteit (want veel natuurliefhebbers nemen als waar aan dat biodiveristeit belangrijk is, maar waarom, daar hebben ze het meestal niet over). Het leest ook nog eens lekker weg, zodat je zonder veel moeite allerlei nieuwe dingen leert.

Mijn waardering: 4/5

Aantal bladzijden: 240

Ik heb dit boek: geleend uit de bibliotheek

Gepubliceerd in: 2011

Heb je dit boek gelezen? Wat vond je ervan?

Vind jij natuur belangrijk?

Advertenties

9 reacties op “Boek recensie: Plastic Panda’s van Bas Haring

  1. Het lijkt me een boeiend boek. Ik zag op tv al een tijdje terug een interview over dit boek met Bas Haring. In eerste instantie denk je “schiet nou op” maar na een stukje van zijn argumentatie begin je wel bij te draaien.

    • Janny, hij kan inderdaad goed argumenteren. Of je het uiteindelijk ook echt gelooft of niet, hij brengt het wel redelijk overtuigend. Wat hij zegt, klopt wat mij betreft, maar ik weet niet genoeg van het onderwerp om te weten wat hij níet zegt, dat ook belangrijk is in de overweging.

  2. Ik heb de schrijver ook op tv gezien, met deze redenatie. Op zich heb je gelijk dat het redelijk steekhoudend is, maar toch vind ik het een akelige redenatie, die ook heel erg kan worden misbruikt met de verkeerde argumenten, voor erg foute doelen.

    • Joke, als advocaat van de duivel, zou ik zeggen: wat zijn “erg foute doelen”? Hele regenwouden omhakken? Dat maakt misschien wel helemaal niets uit in het grote schema van de natuur, en dan is “erg fout” niet meer zo fout. Geef eens een voorbeeld wat je bedoelt?

  3. Nou, het voorbeeld wat je geeft is wel zo’n erg fout doel ja, maar ik zat ook te denken aan bv. het uitroeien van de walvissen door de japanners, die zijn al een eind op weg en hebben nog maar een klein argumentje nodig. Maar ook dichterbij in eigen land, het opofferen van natuurgebieden (met alle flora en fauna) ten gunste van die zogenaamde ‘economische groei’.
    Elk stukje natuur, elk beestje is voor mij heilig, daar blijf je als mens vanaf. Als iets uit zichzelf uitsterft, is het nog wat anders, maar meestal zijn wij mensen toch de oorzaak van de ellende.

    • Joke, nog steeds als advocaat van de duivel (dan kun je lekker kletsen zonder iemand aan te vallen of zelf aangevallen te worden): stel nou, dat het niet uitmaakt dat de walvissen uitgeroeid worden (stel, want ik weet het niet, misschien zijn die wel belangrijk maar dan hoeven we het daar verder niet over te hebben), wat zou het dan schelen dat die Japanners zo goed hun best doen? Die mensen moeten ook eten? Wie ben jij om te zeggen wat ze al dan niet moeten doen?

      Jij zou kunnen zeggen: commerciele redenen, mensen die de natuur om zeep helpen, daar houd ik niet van. Zeg ik: waar jij woont, waren daar heel vroeger geen bossen? Zijn die ook niet door mensen omgekapt om plaats te maken voor huizen? Mag dat wel?

      Waarom zijn die beestjes jou zo heilig? Die beestjes zelf zal het een zorg zijn dat ze uitsterven, daar merken ze niets van want dan zijn ze er niet meer om het te merken. Omgekeerd hebben die beestjes niets met mensen. Er is er geen n die niet kan slapen omdat hij (per ongeluk of niet) een mens heeft omgebracht of vergiftigd.

      En verder natuurlijk creeren we ook weer een hoop natuur: wilde vogels die in de grote steden de duiven komen opeten, mooie parken. Er zijn zelfs nieuwe soorten ontdekt die alleen bestaan omdat mensen steden enz. zijn gaan bouwen.

      🙂

  4. Lastig hoor, als leek discussieren met de advocaat van de duivel 🙂
    Ik heb er niet heel diep en filosofisch over nagedacht, maar ik ben van het type handen af van de natuur, respect voor al wat leeft. Alleen als je écht honger hebt mag je iets doden, maar dan slechts dat wat je echt nodig hebt. En Japanners hebben geen honger. Alleen al het feit dat de mens er op deze manier over nadenkt: de natuur is niet van ons en wij hebben er dus geen enkel ‘recht’ op.

  5. Een kostenbaten analyse van de natuur? Over Plastic Panda’s van Bas Haring
    (Door Robrecht Vanderbeeken, verschenen in De Leeswolf)

    Mocht je er met een titel als Plastic Panda’s nog aan twijfelen, dan mag het met de ondertitel Over het opheffen van de natuur duidelijk zijn dat dit boek met een pesterige pen is geschreven. Bas Haring kiest bewust voor provocatie. Hij vergelijkt bijvoorbeeld diersoorten met sportschoenmerken (het is niet leuk als die verdwijnen, maar geen ramp) en beargumenteert waarom een wereld die er volledig zou uitzien zoals Nederland (een park aangepast aan onze actuele noden) een betere wereld zou zijn. Al tartend wil hij emotionele reacties uitlokken omdat die lijken te bevestigen wat hij aankaart: de waarde van de natuur mag je niet rationeel ondervragen omdat natuur als iets mystiek en onaantastbaars wordt opgevat. Het klopt natuurlijk niet dat Haring alleen maar een rationeel betoog wil voeren. Hij zoekt immers voordurend de polemiek op. Als lezer kan je daarom moeilijk anders dan af en toe onthutst zuchten, niet zozeer omdat er taboes of heilige huisjes op de korrel worden genomen, maar wel omdat dit dikwijls op een bedenkelijke manier gebeurt. Laten we dus voorbijgaan aan de valkuil waarmee Haring zijn lezers opwacht en nagaan wat er al dan niet zinvol en problematisch aan zijn denkoefening is.

    Dit boek heeft iets Hollands. Haring spreekt zijn lezer direct en persoonlijk aan, recht voor de raap, zonder al te veel moeilijkdoenerij. Het gezonde verstand krijgt de vrije loop (Haring noemt het liever het boerenverstand) en het betoog verloopt wat luider (inzake stelligheid, ironie of betweterigheid) wanneer het gevoerde discours wat dunner dreigt te worden. Haring omschrijft zichzelf dan ook liever als een volksfilosoof eerder dan een wetenschapsfilosoof: hij wil zich in een eenvoudige taal vanuit onze dagdagelijkse bekommernissen een opinie vormen over dingen als biodiversiteit, diersoorten en natuurbeheer. Harings aanpak doet ook denken aan de no-nonsense analyses van de bioloog Midas Dekkers. Haring lijkt daarbij het succes van Dekkers te willen overdoen door de overtreffende trap op te zoeken van Dekkers’ eigenzinnige en vrijpostige stijl en door Dekkers‘ geliefkoosde onderwerp (het knuffelgehalte dat we de natuur ten onrechte toedichten) in te ruilen voor een frontale kostenbaten analyse: is de natuur eigenlijk wel zoals wij die willen, en hoeveel zijn wij bereid om voor het behoud ervan te betalen?

    Toch is het boek het lezen waard. Het is een aaneenschakeling van weetjes, opmerkelijke vergelijkingen en onomwonden (maar soms kaduke) gedachte-experimenten met als doel een heel nieuw licht te werpen op wat ons dierbaar is. Haring is rechtuit en komt dikwijls verrassend uit de hoek. De centrale boodschap: biodiversiteit is niet zonder meer waardevol, want het komt de productiviteit en stabiliteit van een ecosysteem niet altijd ten goede en iets is alleen waardevol als het ergens toe dient. Bovendien is het geen probleem als zowat de helft van de diersoorten zouden verdwijnen. Tenminste, als het gaat om de onbekende en onbeduidende soorten uit het regenwoud, zonder dat ze lijden en alleen als ze voor ons echt niets waard zijn. Conclusie: Dit is een realistisch en optimistisch boek: er verdwijnt van alles, er komt ook wat voor terug: gras tussen de stoeptegels en plastic speelgoedpanda’s. Wat meteen opvalt aan dit citaat, waarmee het boek zich plagerig aankondigt, is het monopolie van het pragmatisch perspectief. Alleen als iets nuttig is, is het waardevol. Maar als het geld kost, dan moet het ook iets opbrengen. Logisch toch?

    Samen met de originele ideeën en de cartooneske illustraties van Heidi de Gier, stapelen ook de problemen zich in sneltempo op. Het cruciale probleem is weliswaar dat Haring onrecht doet aan het klassieke filosofische debat dat aan heel zijn denkoefening ten grondslag ligt. Wie de vraag stelt naar wat intrinsiek waardevol is, komt immers uit bij twee metafysische basisopvattingen. (a) Ofwel ga je er vanuit dat dingen op zichzelf en dus objectief waardevol kunnen zijn. (b) Ofwel neem je aan dat iets maar waardevol is ten aanzien van een subject dat het al dan niet naar waarde weet te schatten. Harings nutsdenken en betoog sluit volledig aan bij (b). Hij weerlegt (a) niet maar moffelt het weg. Iets dat waardevol zonder meer kan zijn, vindt hij persoonlijk wel wat onzinnig. Kortom, als Haring zijn onderliggende filosofische redenering systematisch zou uitwerken los van alle randverhalen, dan zou het resulteren in een middellang artikel met een interessante maar alles behalve spectaculaire claim: als je wil argumenteren dat iets intrinsiek waardevol is volgens (b), dan worden sommige criteria ten onrechte als sluitend opgevat. Andere criteria, zoals schoonheid en complexiteit, voldoen dan weer niet aan zijn hoogstpersoonlijke ervaring. Subjectief in de filosofische betekenis (de mens) wordt hier plots ingeruild voor een dagdagelijkse betekenis (een individu). Haring wekt daarmee ten onrechte de indruk alsof het allemaal maar een kwestie van smaak is. Door als volksfilosoof de aandacht op allerlei uitweidingen te vestigen en het zuivere filosofische pad te verlaten, werd de argumentatieve lijn al dan niet bewust wat uit het oog verloren. Dit illustreert dat populariserende wetenschapsfilosofie al snel populistisch wordt: een opinie op zijn smalst – de persoonlijke voorkeur – wordt vrijblijvend verkondigd met het oog op stemmingmakerij. Wat overblijft zijn gratuite meningen die alleen overtuigen afhankelijk van de retoriek waarmee ze worden verwoord: Ik vind ‘waardevol’ een beetje een ernstig woord, ik hou meer van het woord ‘leuk’. (p.76)

    Enkele andere problemen: Haring voert een etablissement ondersteunend discours (vanwege de bevolkingsexplosie mogen we de natuur integraal opofferen, maar onze levensstijl veranderen, pleiten voor duurzaamheid en het comfortabel consumptiekapitalisme in vraag stellen, is niet aan de orde); natuurbehoud wordt moedwillig misbegrepen (men verklaart de orde van de natuur niet heilig, men wil alleen enkele plaatsen vrijwaren); het zelfbegoochelend ‘optimisme’ van dit boek is vooral een opgefokte poging om ons van schuldgevoel te ontdoen. Het getuigt van een nieuwerwets defaitisme en conservatisme: laten we ons gewoon neerleggen bij het verdwijnen van de natuur en er nog iets gezelligs van maken. Van een jonge hoogleraar verwacht je toch iets anders.

    • Bedankt voor deze mooie recensie, Robrecht. Je ziet kans een paar van Haring’s argumenten door te prikken die ik zelf nogal makkelijk accepteerde.

      Ik vind de manier waarop Haring redeneert erg prettig. Het is een bepaalde wetenschappelijke manier van denken die mij als experimenteel psycholoog wel aanspreekt. Of misschien gewoon: mij als persoon.

Laat hier je reactie achter.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s